28 Januari 2019

Broeder Roy, pastor in de psychiatrie

Ga naar overzicht

5 min

Deel op:

ekendominicanen hebben geen klooster. Ze leven als religieus 'in de wereld’. Wat betekent dat concreet? Aflevering 7: Roy Clermons: 'Mensen in de psychiatrie brengen mij dichter bij God.’

Roy Clermons OP

De mensen die ik in de psychiatrie ontmoet brengen mij dichter bij God. Het zijn zij die van mij een gelovig mens hebben gemaakt. Hoe langer ik werk in de psychiatrie als geestelijk verzorger, hoe meer ik dat kan beamen.

Ik ben heel lang niet zo vertrouwd geweest met het lezen van de Bijbel, ben er niet mee opgegroeid en nog steeds begrijp ik niet zoveel van dat boek. Veel van wat ik las, was interessant en tegelijkertijd ver van mij bed. Ik had heel lang het idee dat het niet over mij ging.

Ook niet de crises in mijn eigen leven heb ik, op dat moment dat ze plaatsvonden, vanuit het geloof kunnen bezien. Mijn langzaam ingroeien in mijn werk als geestelijk verzorger in de psychiatrie, maar ook mijn langzaam ingroeien in de orde der predikers en daar mijn plek in vinden, zijn voor mij een zegen geweest. Met name omdat ze hand in hand gingen.

In 2009 ben ik in de psychiatrie gaan werken en ook aan mijn initiële jaar begonnen bij de DLN (Dominicaanse Lekengemeenschap Nederland). Ik ben God meer en meer op het spoor gekomen en dat heeft alles te maken met mijn identiteit als lekendominicaan en de mensen in de psychiatrie.

'Er is hier waarheid te vinden die niet eenvoudig onder woorden te brengen is'

Het is niet de eerste keer dat ik schrijf over mijn werk als geestelijk verzorger in de psychiatrie. Het zal ook niet de laatste keer zijn. Het werk is buitengewoon boeiend en mijn hart gaat uit naar de mensen in de psychiatrie.

Ook als lekendominicaan ben ik hier volledig op mijn plek, maar het is niet eenvoudig woorden te vinden die hier recht aan doen en die verder gaan dan het begrip naastenliefde en het vervullen van de werken van barmhartigheid. Hoe waar ze ook zijn!

In het verleden heb ik pogingen gedaan om dat onder woorden te brengen en nu doe ik weer een poging daartoe. Ik bespeur bij mezelf altijd enige ijver wanneer ik hierover schrijf. Is dat omdat ik het leuk vind om over mijn werk te vertellen?

Die behoefte is er zeker. Altijd voel ik een bepaalde urgentie om de zaak van de psychisch of psychiatrisch lijdende mens onder de aandacht te brengen. Maar dat is meer dan benadrukken dat we onze naasten in nood bij moeten staan. Er is waarheid te vinden die niet eenvoudig onder woorden te brengen is.

Twee auteurs hebben mij geholpen bij deze verborgen waarheid: Paulus en Tomáš Halík

Er zijn twee auteurs die mij geholpen hebben om woorden te geven aan die verborgen waarheid: Paulus en de Tsjechische priester en hoogleraar Tomáš Halík.

Paulus schrijft in zijn eerste brief aan de Korintiërs dat ons lichaam en geheel vormt met vele totaal verschillende lichaamsdelen en zo is het ook met Christus: ‘Dat wij allen in de kracht van één en dezelfde Geest tot één lichaam gedoopt zijn’ (1 Kor. 12).

Wij maken dus allen deel uit van het lichaam van Christus waar een ieder zijn unieke plek heeft. Ook stelt Paulus dat juist die lichaamsdelen die het zwakst lijken, onmisbaar zijn en met meer eer behandeld dienen te worden. En voegt eraan toe dat de andere (lees: sterkere) delen dat niet nodig hebben. (1 Kor. 12, 22-24).

Tomáš Halík schrijft in zijn boek Raak de wonden aan dat wij niet in Jezus kunnen geloven en net als Didymus (Thomas) ‘Mijn Heer en mijn God’ kunnen zeggen, zonder ook zijn wonden aan te raken.

Wij geloven namelijk in een gekruisigde Jezus, een gewonde Jezus. Wie de pijn in het leven en in de wereld niet serieus neemt, kan God niet belijden, stelt Tomáš Halík.

Zo haalt hij in zijn boek de legende aan van Sint Maarten waar Satan aan verschijnt in Christusgedaante. Sint Maarten ontmaskert hem omdat hij aan hem vraagt om hem zijn wonden te laten zien en dat kan Satan niet. Een Christus zonder wonden is Christus niet.

Zou je in navolging van Paulus en Halík kunnen zeggen dat de meest wezenlijke delen van het lichaam van Christus zijn wonden zijn? Ik denk het wel. In de gemeenschap van mensen die samen het lichaam van Christus vormen zijn de mensen die de wonden vertegenwoordigen de meest essentiële. Zij zouden met meer eer en met grotere kiesheid behandeld moeten worden, volgens Paulus. In navolging van Tomáš Halík zouden we kunnen zeggen dat we in het aanraken van de wonden, de mensen die lijden, God het meest nabij zijn.

Puurder en authentieker dan in de psychiatrie kom ik mensen zelden tegen

Ik hou van de mensen die ik tegenkom in de psychiatrie, ik voel een diepe genegenheid voor ze. Puurder en authentieker kom ik ze zelden tegen, al zijn de manieren waarop ze zich staande houden in het leven bizar soms en getekend door het lijden dat ze ondergaan.

Hun wonden volop aanwezig. Het is daar waar ik God ontmoet. De geloofsverhalen zijn voor mij geen dode letter meer, maar levende realiteit in de levens van de mensen in de psychiatrie.

Goede vrijdag en Pasen: eenzaamheid, verraad, veroordeling, lijden, sterven en opstanding, ze spelen zich voor mijn neus af. Hiervan dagelijks getuige mogen zijn maakt diepe indruk op mij en mijn geworteld zijn in de orde der predikers helpt mij om dit gelovig te verstaan.

Mensen in de psychiatrie brengen mij dichter bij God.

Roy Clermons OP

*

Eerder verscheen:
Broeder Kees, patiënt
Zuster Ineke, gevangenispastor
Broeder Gerard, baanzoekend

Zuster Jacqueline, onderwijsbegeleider
Broeder Herman, bezoeker van gevangenen (1)
Broeder Herman, bezoeker van gevangenen (2)