17 Juli 2014

Dominicanen bij de wadden: Norden (1264-1530)

Ga naar overzicht

Deel op:

uus Bary herdenkt het dominicanenklooster van Norden (Ostfriesland), precies 750 jaar geleden gesticht. Het tweede klooster in het middeleeuwse Friesland heeft meer dan twee eeuwen deel uitgemaakt van de natio Frisiae in de toenmalige ordesprovincie Saxonia.

door Guus Bary

Dit is een ingekorte versie van een artikel in het Vlaams-Nederlandse tijdschrift Dominicaans Leven (juni 2014).

Op 2 juli 2015 is het 500 jaar geleden dat de orde de provincie Germania Inferior (Nederduitsland) oprichtte: 26 kloosters uit het huidige Nederland (13), België (6), Frankrijk (6) en Kalkar. Er kwam toen ook een nieuwe indeling in vier nationes: Vlaanderen-Picardië, Brabant, Gelre-Frisia, en Holland. Het was de wens van Karel V zijn reeds verworven en nog gewenste bezittingen als heer der Nederlanden zelfs op het niveau van de predikbroeders tot een eenheid te smeden.

Vóór 1515 waren de dominicanen ten noorden van de grote rivieren verdeeld in de natio Hollandiae en de natio Frisiae. Tot de laatste groep behoorden vanaf 1308 vier kloosters van de in 1302 opgerichte provincie Saxonia: Leeuwarden (1245), Norden (1264), Winsum (1280) en Groningen (1308). Medio 14e eeuw waren er ook dominicanessen in Norden en sedert circa 1376 in Reide, maar het klooster van Reide is in 1425 in de Dollard verzwolgen.

Resten van het klooster van Norden

Ligging en archeologische vondsten van het klooster Norden

Norden, ten noorden van Emden, is een stadje, waar nog diverse 17e en 18e-eeuwse pandjes te vinden zijn rondom een fraaie Ludgerikerk. Van de dominicanen is weinig zichtbaars overgeleverd. In 2004/2005 hebben er archeologische opgravingen plaatsgevonden bij het Ulrichsgymnasium aan de Norddeichter Strasse 2-3 (publicaties in 2007).

Er zijn resten van de kruisgang gevonden en de westelijke muur (clausuur) is blootgelegd. Ze zijn thans vanuit het binnenplein van de school en vanuit de mensa zichtbaar. Voorts zijn er 14e-eeuwse keramiek- en glasscherven van raamvensters te voorschijn gekomen. Ze zijn gefotografeerd en beschreven, helaas niet tentoongesteld (wel een afbeelding bij de stenen).

In 1264 vroegen hoofdelingen, een soort edelen, uit Norden met succes aan het kapittel in Parijs om een vestiging in hun stad. Op drie opeenvolgende jaarlijkse kapittels is het klooster canoniek erkend.

Klik om te vergroten.

Schriftelijke bronnen

We zijn verder aangewezen op schriftelijke gegevens. Zij zijn onder andere te vinden bij verslagen van provinciale kapittels. Norden behoorde aanvankelijk evenals de Nederlandse kloosters tot de ordesprovincie Teutonia. Er is een kloosterlijst van Teutonia, die in of rond 1266 moet zijn ontstaan, waarin de jaarlijkse contributie van de afzonderlijke huizen aan het bestuur van de provincie, vermeld is. Daarbij staat naast Utrecht, Leeuwarden en Maastricht ook al Norden vermeld.

resten sporen norden3Interessant is een kroniek over de jaren 1271-1530, de Norder Annalen, waarin de kloosterlingen van Norden een dagboek bijhielden (uitgegeven in 1959). Het geeft vooral inzicht in wat zij aan ‘wereldnieuws’ uit hun omgeving binnenkregen. Het zegt niet veel over de eigen handel en wandel, wel over de context van de samenleving en politiek.

We weten dat er diverse provinciale kapittels in Norden zijn gehouden, dat men zich vaak druk heeft gemaakt over overstromingen, dijken en sluizen, dat diverse keren berovingen zijn geweest in klooster en -kerk en dat in 1430 de kloosterkerk is platgebrand.

De scheidslijn tussen Teutonia en Saxonia kwam in 1303 te liggen bij de grote rivieren. De kloosters aan het wad kwamen bij het uitgestrekte Saxonia, waarvan Eckhart de eerste provinciaal werd.    

Het einde

In 1515 bleef Norden bij Saxonia. Politiek waren er al breuken ontstaan in het samenwerkingsverband van de Friezen. In tegenstelling tot de kloosters in Nederland boven de grote rivieren, die tot het eind van de 16e eeuw konden blijven bestaan, is het kloosterleven in Norden snel ten onder gegaan.

De graaf van Ostfriesland, Enno II, was het opkomend lutheranisme toegedaan en besloot in 1529 dat het klooster ontruimd moest worden en dat de gebouwen primair een onderwijsbestemming moesten krijgen. Helaas heeft een andere krijgszuchtige heer, Balthasar van Esens, binnen twee jaar het kloostergebouw nagenoeg compleet verwoest. Diverse predikbroeders gingen de Lutherse leer aanhangen of het klooster noodgedwongen verlaten. De onderwijstraditie heeft in 1567 de vorm gekregen van een Latijnse school, thans het gymnasium van Norden.

Guus Bary
ehbary@planet.nl

Zie ook: Nieuw leven voor Dominicaans Leven
Oproep: sporenonderzoek

 

Eerder verschenen

06 juli 2020
Leestijd 2 min

Dominicaanse sporen

Lees meer